Ontdekken

De lof die op het verschijnen van sommige nieuwe werken vooruitloopt, die verbrodt het voor mij.
In eerste instantie werkt ze wel hoor, want ik wil het besproken werk lezen, nu, direct.
Maar. Er wandelt een berg van verwachting met me mee.

Neem nu ‘Freedom’ van Jonathan Franzen, of ‘The terrible privacy of Maxwell Sim’ van Jonathan Coe (*).
Ik heb ervan genoten, ja, zeker, maar niet zoals ik gedacht had. Niet zoals bij het eerste werk dat ik las van Jonathan Franzen, The Corrections. Of zoals ik ‘The circle is closed’ van Coe las.
Misschien lees ik te gulzig en proef ik niet genoeg wat ik lees. Een te grote leeshonger is dus niet gunstig. Dit is een beetje dubbel, want recensies zijn als een aperitief : ze scherpen de honger.
Maar dan die berg! Hooguit klauteren de geprezen werken tot halverwege, meestal blijven ze al veel eerder uitgeteld in zijn schaduw liggen. En ik blijf met de vraag of de berg nu de oorzaak is, of dat die er niets mee te maken heeft.
Hoedanook, beter komt een boek traag, of onverwacht in mijn blikveld. Boekenwinkels of een bibliotheek binnenlopen en door de collectie struinen. Bladeren in literatuurgeschiedenissen, anthologie├źn, essaybundels…. Het is het ontdekken dat het doet voor mij.

┬Ę(*) Trouwens, wat een fluteinde: Maxwell ontdekt dat hij slechts een personage is in een boek, en dat dat boek nu en hier eindigt.
???
Ik herinner me hoe moeilijk, en hoe belangrijk ik het einde van een verhandeling vroeger vond. Voor een roman liggen mijn eisen minstens even hoog. Kan iemand een pleidooi houden voor dit einde? Ik nodig u uit.

Advertenties