Oorlog in het aprilnummer van Het Liegend Konijn

Het Liegend Konijn

Het aprilnummer van deze jaargang is gewijd aan oorlog.
Véél gedichten over oorlog, dacht ik, toen het lijvige nummer bij ons op tafel lag, te veel, dacht ik ook.
Maar nee, bij poëzie is het altijd sprokkelen. Veel ‘beginnen lezen’, eerder ongeïnteresseerd, want een bladzijde zet je niet noodzakelijk op gang, zoals bij proza. Veel bladeren, want hier de vorm, daar de eerste regels, een dichter, enkele woorden.
Bij Erik Spinoy was het de naam die me trok, vanuit een vroeger leven, en ja, bam!, dit is het:

Responsoria

‘Ik ben de stem die geen stem geeft aan wat al reeds een stem heeft’ (Lucebert)

Ik ben een stem die een stem heeft door wat nooit een stem heeft heen.

De stem ben ik die natte keelslag is in uitgedroogd geconverseer.

Ik ben de stem die het, alweer, een nieuwe keer probeert.

Hellfire, hellevuur: we sliepen zo vaak niet van het geronk.

We sliepen vaker niet van wat er in ons klonk: een soort van diepste ondertoon.

We liepen naar de plek waar zij zo-even had gestaan en schraapten van de muren wat er overbleef.

Nadien was de zomer plots zo heet dat gauw de kleine vijver droogviel
lis en riet verdorden en de kikvors stierf.

Niets maar niets dus wat men niet verwachten kon.

Erik Spinoy

‘die natte keelslag is’: god dit is mooi.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s