Generosity : an enhancement (3)

RP overhandigt dit boek aan zijn lezers als een student die een werkstuk presenteert, met iets tentatiefs, maar ook met trots en in de wetenschap dat het dit keer wel goed zit. En hij zou RP niet zijn, als hij daarin niet weer iets verder kan gaan dan anderen. Hij verwerkt in zijn verhaal over het geluksgen het probleem waar zijn eigen romans een beetje onder lijden. Russell Stone, hoofdpersonage, is op dat vlak zijn alter ego. De nadrukkelijk aanwezige verteller – eigenlijk het gevolg van een goede raad die Russell krijgt bij het schrijven van zijn roman – becommentarieert doorlopend het vertelproces, op een leuke, ongedwongen manier.
Het eigenlijke onderwerp van dit boek, de voor de zo dichtbije toekomst voorspelde maakbare mens, is geen gemakkelijk onderwerp. Van de schrijver veronderstelt het een zeer grondige wetenschappelijke opleiding en kennis.Voor RP maken die gewoon deel uit van zijn leefwereld. Een veel moeilijker opdracht moet het voor hem zijn om rond dit thema een spannend, warm menselijk verhaal te bouwen. De idee om het geluksgen én de jacht erop te concretiseren in twee figuren, is een meesterlijke vondst. Daarbij komt het niet tot een gemakkelijke zwart-wit tegenstelling tussen goed en kwaad. De zogenaamde ontdekker van het geluksgen, Thomas Kurton, is een aimabele figuur, die ook aannemelijk overkomt in zijn absolute geloof in de maakbaar gelukkige mens. Hij is een zakenman die meer dan het virus van het geld, het virus van de ontdekker in zich draagt. De vrouw die drager is van het geluksgen, en de jacht op wie steeds hallucinanter vormen aanneemt, is een schat van een vrouw, voor wie je sympathie onvermijdelijk overslaat in een oeverloos medeleven. Haar tragische geschiedenis opent zeker het debat over ethische normen in de wetenschap.
Het spreekt vanzelf dat de schrijver met dit thema een heel actueel probleem aankaart:  wat gaan we doen met onze met reuzenstappen groeiende kennis van het DNA. Eens we het geheim van het leven zelf ontsluierd hebben, lijkt er geen einde aan de mate waarin we dit leven zelf vorm kunnen geven. De vista’s die hierdoor opengaan zijn duizelingwekkend. In dit geval: is de mensheid gediend met allemaal gelukkige mensen? En zal het geluksgevoel binnen het bereik van iedereen liggen? En wat zijn de mogelijk gevolgen? En nog veel meer. Heel grappig is het dat de wetenschapper Kurton aan het mijmeren slaat over de literatuur (fiction) van de toekomst. Ja, want, stel je voor, enkel gelukkige mensen die grote literatuur moeten maken?
Zalig is ook de manier waarop RP zich als een vis in het digitale water voortbeweegt. In tegenstelling tot wat een van de studenten van Russell Stone in de les creative writing beweert: the digital area is over, nothing has happened in the last three months, is de leefwereld in dit boek digitaal. Multimedia, razendsnelle verspreiding van nieuws, social communities, parallelle digitale werelden, enz. ze zijn het kader waarin het verhaal zich afspeelt.
In dit verband een klein fragmentje.
Na een electriciteitspanne stopt Candace, vriendin van Russell Stone, haar negenjarig zoontje in bed.
‘Candace gets her son in bed, with an extra blanket, although the odds of the boy sleeping anytime soon are what science might call nonexistent. Gabe whispers to her, like he’s praying. “I’m scared, Mom. What’s going to happen?”
She starts to reassure him. The night is not that cold; the power wil be back soon.
“Not that! The whole computer shut off before I could save. I could be totally dead!’

Zijn zorg geldt hier zijn alter ego in zijn alternatieve wereld Futopia.

Ik heb het boek nog niet uitgelezen. Ik hou het einde nog een eindje tegoed.

Vind ik dit een literair meesterwerk?
Nee, maar ik vind het wel een heel sterke roman. Een hoogbegaafde wetenschapper is erin geslaagd een  prettig leesbare, aangrijpende en verontrústende roman te schrijven over één van de belangrijkste ethische kwesties van onze tijd. Hij vermijdt hierbij de euvels waaraan zijn eerdere romans een beetje ziek waren. De literaire technieken die hij met dit doel gebruikt zijn tegelijk ook (rand)onderwerp van de roman. Een roman over waar we met onze kennis naartoe gaan, een roman ook over schrijven.
Een aanrader.

Advertenties

Generosity : an enhancement (2)

Ik kan nu al verklappen dat de verteller niet op de achtergrond verdwijnt. Het gaat zelfs verder dan dat, zijn aanwezigheid wordt ook verklaard. Je moet weten dat dit boek -ook- over schrijven gaat. Zo is Russell Stone, leraar creative writing, bezig aan een roman, maar slaagt hij er niet in om zijn personages echt tot leven te laten komen. Een vriend geeft hem de raad om hen door de ogen van iemand anders te bekijken. En dat is precies wat Richard Powers hier doet. Ik vraag me af: weet hij dat de karakters in bv. The goldbug variations een beetje flets zijn, te veel de dragers van hun/zijn ideeën. Verklaart hij hier zijn eigen vertelprocédé?
Wel een beetje ‘weird’, deze flitsen over en weer tussen de auteur en zijn personages.

Het eigenlijke thema van het boek is natuurlijk de jacht op het geluksgen. Dat is een fascinerend thema, maar niet an sich de reden waarom dit zo’n fascinerend boek is. Een schrijver is een alchemist. Of niet soms? Daar moeten we het later eens over hebben

Generosity : an enhancement (*)

Drieënvijftig bladzijden ver, en er is nog niets geweest dat me stoort.
Ja, ik ben op mijn hoede. In de werken van Richard Powers ontbreekt soms de spankracht. De schrijver kan het niet helpen. Zijn geest vliegt op eenzame hoogte. Hij ziet zoveel meer. Maar soms lijdt het verhaal eronder.
Ik hou van boeken met een verhaal, met een stevige structuur. Ik hou ook van bespiegelingen in boeken.
Maar de verhoudingen moeten goed zijn.
Met ‘Generosity : an enhancement’ zit de auteur, totnutoe, goed.

In het eerste deel van dit boek laat de schrijver zijn personages langzaam tot leven komen. Hij is op zoek ernaar, probeert een helder beeld van hen te krijgen. Tegen het einde van het eerste deel heeft hij ons zijn hoofdpersonage Russell Stone en de leerlingen van zijn avondklas voorgesteld.
Vertellers die zichzelf te sterk op de voorgrond werken, zijn meestal irritant. Maar dit is goed, dit is knap gedaan. De zoektocht van de verteller komt heel natuurlijk over, en je hebt vaag de indruk dat je de karakters zelf ontdekt.

(*) Generosity, an enhancement.
Richard Powers, Farrar, Straus and Giroux, New York, 2009, 296 p.